Om van alle burgers een optimale solidariteit te blijven verwachten, is het van belang om onze aandacht te verleggen naar de beloning van extra inzet. In ons verkiezingsprogramma leggen we 4 concrete maatregelen op tafel die zouden moeten leiden tot gezondere begrotingen en de afbouw van onze staatsschuld.

Werkbonussen als bijdrageverminderingen moeten tot een hoger nettoloon leiden voor het verplegend en verzorgend personeel.

Ploegenarbeid is een onnatuurlijk, doch noodzakelijk werkmodel dat meer en meer ingeburgerd is geraakt in ons arbeidsstelsel. De afschaffing van de inkomensbelasting over de ploegenpremie moet tot een hoger nettoloon leiden en deze jobs in alle sectoren aantrekkelijk houden.

Het solidariteitsmechanisme tussen werkenden en werklozen staat al jaren onder druk, maar zowel het linkse conservatisme als de rechtse afbraakpolitiek met betrekking tot de looptijd van de werkloosheidsuitkeringen moeten op de schop. Om de echte zwakkeren in de samenleving de steun te geven die ze nodig hebben, moet iedereen aan het werk!

We moeten komaf maken met de tussentijdse amnestiedossiers van de opeenvolgende ministers van Financiën, en opteren voor een definitieve fiscale amnestie voor onbelaste vermogens in belastingparadijzen.

Het Vlaamse onderwijs moet kwalitatief en ondersteund onderwijs aan iedereen blijven aanbieden. Hiervoor zijn meer middelen nodig, maar we moeten onderzoeken op welke wijze we de leerlingen in de verschillende onderwijsnetten extra kunnen ondersteunen in hun zoektocht naar intellectuele excellentie. Extra geld is altijd een optie, maar alternatieven die budgettair haalbaar zijn zonder in te boeten aan kwaliteit verdienen de voorkeur. In ons verkiezingsprogramma benadrukken we 2 thema’s, telkens met eigen maatregelen, die ons in staat moeten stellen om terug in de wereldtop te geraken.

Het lerarentekort is een van de grootste pijnpunten uit ons onderwijs en dient op verschillende manieren aangepakt te worden. Het beroep terug in ere herstellen, zowel vanuit de maatschappij als vanuit de leerlingen, is een doelstelling waar we niet van mogen afwijken. Op deze wijze wordt het beroep aantrekkelijk voor jongeren die een beroepskeuze moeten maken en voor anderen die een carrièrewijziging voor ogen hebben.

Eindtermen zijn belangrijk om de minimale kennis en vaardigheden die onze schoolgaande jongeren moeten opdoen te identificeren en af te toetsen. Aan deze eindtermen moeten we ook maatschappelijke minimale vereisten toevoegen die verband houden met een gezonde werkethiek, zelfrespect en respect voor anderen. Sensibilisering rond seksuele geaardheid, racisme, antisemitisme en religiehaat behoren opgenomen te worden in de eindtermen.

Fileleed is een probleem met vele slachtoffers, m.n. de automobilisten, het vrachtverkeer en de directe omgeving. De aangekondigde Oosterweelverbinding zou ontlastend moeten werken rond een aantal zware verkeersinfarcten, en de aangekondigde limiet van 80 km/u op de Antwerpse Ring zou theoretisch soelaas moeten brengen. We zijn nog ver van het jaar 2025, het jaar waarin de Oosterweelverbinding afgerond zou moeten zijn, maar ondertussen geraken we nog geen meter vooruit.

We hebben de voorbije decennia een democratisering van het vliegverkeer meegemaakt vanwege de overmatige subsidiëring van het vliegverkeer. We willen deze democratisering in stand houden, maar tegelijk het principe van de betalende vervuiler invoeren.

Een moderne samenleving verdient een moderne democratie waarin bestaande praktijken in vraag moeten kunnen gesteld worden. Voor D-SA bestaan deze vraagstukken uit de participatiegraad van de burger in het democratische proces van de verkiezingen en de herziening van de Grondwet.

De leeftijdsgrens van 18 jaar is een achterhaalde constructie uit de vorige eeuw en is voor herziening vatbaar, vooral in het kader van een mondiger publiek in de leeftijdscategorie vanaf 16 jaar. Een verlaging van het actief kiesrecht tot 16 jaar en het behoud van het passief kiesrecht op 18 jaar passen volledig in de logica van de afschaffing van de opkomstplicht.

Er zijn al decennialang oproepen vanuit de politieke en academische wereld om de Belgische Grondwet verregaand te hervormen. De maatschappelijke betrokkenheid rond de dynamiek van art. 195 GW is echter onbestaande.